In 1933 onderzocht door A.E. van Giffen, met centrale vondstloze lijkbijzetting en onregelmatige paalkrans uit het late Neolithicum, een centrale, door een regelmatige paalkrans omgeven, eveneens vondstloze lijkbijzetting uit de midden-Bronstijd, een zevental perifere lijkbijzetingen in boomkisten, waarvan twee met bijgaven van bronzen ringen en armbanden en één met drie gouden ringetjes, eveneens uit de midden-Bronstijd, een ringsloot en enkele nabijzettingen van crematies, deels in urn, uit de late Bronstijd en/of de vroege IJzertijd. Aan de voet bevonden zich enkele, door rechthoekige greppel of staketsel omgeven vondstloze ophogingen uit de midden- of late IJzertijd.
Mandenberg, Grote
In fasen opgehoogde grafheuvel op het Balloërveld.